3. Stress en (on)gezonde leefstijl

Veel mensen gaan met stress minder gezond eten, minder bewegen of minder slapen. Ze maken minder tijd voor ontspanning en gaan weer of meer roken of alcohol drinken. Ze gaan zich met stress dus minder gezond gedragen. Dit is best begrijpelijk, want in tijden van stress willen lichaam en geest vooral comfort en het gevoel weer meer ‘opgeladen’ te zijn. Ongezonder leven is dan ook deels een natuurlijke reactie op stress. Maar laad je wel echt op, of vergroot je je stress alleen maar?

Stress, slaap en eten
Als we gestresst zijn, slapen we bijvoorbeeld minder goed door alle stresshormonen die ons alert maken, zoals adrenaline. Sommige mensen gaan in drukke, stressvolle perioden ook later naar bed en staan eerder op, zodat er meer uren in de dag zitten. Maar slecht of kort slapen maakt dat je de volgende dag moe of futloos bent en weinig energie hebt. Dit kan weer invloed hebben op hoeveel en wat je eet, want van eten krijg je immers ook energie. Energie krijg je het snelste van suikers, die je in veel ongezonder producten zoals snoep en koekjes terugvindt. Daardoor krijgen veel mensen bij stress de neiging om minder gezond te gaan snacken. Je onderdrukt dan eigenlijk je vermoeidheid. Maar je lichaam heeft geen behoefte aan energiedranken en zoete snacks om goed te kunnen functioneren. Je lichaam heeft voldoende rust nodig om écht kwalitatief op te laden.

Veel mensen hebben bovendien ook de neiging om stress en emoties weg te eten. Het kan een troost zijn als je ruzie hebt, je niet lekker in je vel zit of als het druk is op je werk. Iets lekkers, zoals chocola, zorgt er dan voor dat je je zorgen even vergeet en je je beter voelt. Helaas is dit maar heel tijdelijk en heb je uiteindelijk niks opgelost. 

Blijf dus goed voor jezelf zorgen in tijden van stress. Dat betekent:

  • Gezond eten. Dit houdt je fit en zorgt dat je problemen beter aankunt. (Zie module Voeding kort na transplantatie en Voeding lang na transplantatie)
  • Veel bewegen. Bewegen en sporten kan psychische klachten verminderen en heeft een gunstige invloed op ons stress-systeem. Het helpt om minder te piekeren en je minder somber te voelen. (Zie module Beweging)
  • Een goede nachtrust, ga op tijd naar bed en sta op tijd op. Slaap wordt bovendien beïnvloed door bepaalde hormonen. De aanmaak van die hormonen kan je stimuleren door voldoende daglicht en door te bewegen. Dat zorgt voor een betere nachtrust. Een goede nachtrust zorg er dan weer voor dat je je mentaal sterker voelt en beter om kan gaan met stress. (Zie module slaap)
  • Drink ook geen of weinig alcohol. Alcohol zorgt misschien tijdelijk voor wat ontspanning, maar kan op termijn de problemen verergeren, bijvoorbeeld omdat je door alcohol weer slechter slaapt. (Zie module slaap)

Kijk voor al deze bovenstaande punten ook eens in de bijbehorende modules. Daar gaan we dieper op elk punt in en geven we praktische tips om toe te passen in je eigen leven.

Oefening! “Stress-wissel”

Tijd voor nog een oefening! Op welke stress-situatie reageer ik met ongezond gedrag? Noem in onderstaand blok één voorbeeld van dit gedrag (Bijv. als ik gestresst ben, ga ik op de bank zitten en eet ik een halve reep chocola op). 

Welk gezond en stressverlagend alternatief wil ik doen in die situatie? Wissel je ongezonde stressreactie om voor een gezonde (Bijv. als ik gestresst ben, ga ik een eind wandelen terwijl ik een vriend(in) opbel).